minister van volksgezondheid frank vandenbroucke sp a

Zeventien jaar zonder register: hoe structureel falen vermoedelijk, grootschalige fraude met lichaamsmateriaal mogelijk maak(te)

Sperma van verboden donor toch gebruikt: inspecties onthullen zware fouten bij Belgische fertiliteitscentra  | VRT NWS: nieuws

De recente inspectieverslagen van Belgische fertiliteitscentra, vrijgegeven na het donorschandaal met een Deense donor, tonen een dieperliggend en structureel probleem. Uit de documenten blijkt niet alleen dat er ernstige fouten gebeurden: zoals het gebruik van sperma van een donor die om medische redenen was geblokkeerd, of de verwisseling van embryo’s;  maar ook dat het fundament van het systeem jarenlang dat jarenlang ontbrak: een nationaal donorregister.

Geen register, geen controle

Hoewel de wet sinds 2007 voorziet in een verplicht register voor al het donor- en lichaamsmateriaal dat gebruikt wordt bij medisch begeleide voortplanting, werd dit register zeventien jaar lang niet operationeel gemaakt.
Dat betekent dat er geen enkel centraal toezicht bestond op het gebruik van sperma, eicellen of embryo’s, en dat is dan ook precies wat fraude of overschrijding van wettelijke limieten in de praktijk mogelijk maakt.

Het ontbreken van dat register is geen vergetelheid van de sector, maar een nalatigheid van de overheid, die verantwoordelijk is voor de implementatie en opvolging van de wet.

Een controleorgaan zonder tanden

Ook het controleorgaan dat toeziet op de naleving van de wetgeving, het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten (FAGG), werd in een recente doorlichting als onderbemand en onvoldoende effectief beschreven.
De inspecties die nu aan het licht kwamen, werden vaak pas na jaren uitgevoerd, terwijl de wet een veel hogere inspectiefrequentie voorschrijft. In sommige dossiers werd bovendien vastgesteld dat het parket geen vervolging instelde, ondanks ernstige vaststellingen.

Gevolgen voor donoren, wensouders en kinderen

De afwezigheid van controle en opvolging heeft verstrekkende gevolgen.
Donoren, wensouders en donorkinderen zijn jarenlang afhankelijk geweest van instellingen die zichzelf controleerden, De fertiliteitsinstellingen zelf leken in elk geval niet zelf hard aan enige alarmbel te trekken terwijl zij zonder functionerend (extern) controlesysteem functioneerden. Zij haalden hier hun voordeel uit. De rapporten die het FAGG publiek maakten includeren nog niet de lopende onderzoeken aan parketten over heel België.
Daardoor is vandaag vaak niet meer te achterhalen hoeveel kinderen er uit één donor zijn geboren, of in welke centra lichaamsmateriaal werd hergebruikt of uitgewisseld.

Dit betekent ook dat de voorwaarden waaronder donoren hun lichaamsmateriaal hebben afgestaan, structureel geschonden blijken.
Donoren vertrouwden erop dat hun bijdrage binnen duidelijke grenzen en met respect voor hun toestemming zou worden gebruikt. Dat vertrouwen is geschonden.
Dit is niet alleen respectloos tegenover de mensen die hun lichaam ter beschikking stelden, het raakt ook aan fundamentele rechten van de mens, waaronder het recht op lichamelijke integriteit, geïnformeerde toestemming en waardige behandeling.

Een oproep tot structurele hervorming

Ik Zit Met Een Ei pleit voor transparantie, ethische verantwoordelijkheid en herstel van vertrouwen in de Belgische fertiliteitszorg. Een herstelbeweging naar de slachtoffers.
Dat begint bij een volledig operationeel register voor alle vormen van lichaamsmateriaal, en bij een controleorgaan dat over voldoende middelen en mandaat beschikt om zijn wettelijke taak effectief uit te voeren.

Zeventien jaar nalatigheid mag zich niet herhalen — niet voor sperma, niet voor eicellen, en niet voor de mensen die hun lichaam of hoop aan dit systeem toevertrouwen.

Scroll to Top